De man met de hamer

Uit de wet blijkt dat er slechts aan twee ‘simpele’ vereisten moet worden voldaan om een rechtsgeldige overeenkomst tot stand te laten komen, met enkele uitzonderingen daargelaten. Zo moet er sprake zijn van een aanbod en moet dat aanbod worden aanvaard. Dat klinkt heel eenvoudig, maar het ligt vaak toch iets genuanceerder dan dat. Dit blijkt mede uit een zaak die de rechtbank Amsterdam onlangs behandelde.

Wat is er gebeurd?

De gedaagde organiseerde een veiling van verschillende boten en benodigdheden voor watersport. De zaken die werden verkocht, waren opgenomen op een lijst voorzien van een korte omschrijving. Vitalizee, een van de bezoekers, kocht voor € 6.800,- een speedboot op deze veiling. Er was geen verdere omschrijving bij deze speedboot.

Na de veiling kreeg Vitalizee een koopovereenkomst van de gedaagde en Vitalizee betaalde de koopprijs. Direct daarna ontstond er een discussie over wat er nou precies was gekocht. Vitalizee was van mening dat dit een speedboot was mét de op de afbeelding zichtbare trailer. Gedaagde liet aan Vitalizee weten dat de trailer niet bij de koop was inbegrepen. Gedaagde vertelde dat indien dit wel het geval was, hij dit in de omschrijving van de speedboot zou hebben opgenomen. Vitalizee voelde zich misleid en wilde de trailer alsnog ontvangen of haar geld terug.

Dwaling?

Vitalizee stapt naar de rechter en stelt dat de overeenkomst tussen partijen ongeldig is, omdat zij gedwaald heeft tijdens de totstandkoming van de overeenkomst. Volgens Vitalizee wilde zij de speedboot mét trailer kopen en mocht zij ervan uitgaan dat zij kocht wat te zien was op de foto. Gedaagde stelt dat uit de advertentie blijkt dat het gaat om een speedboot en niet om een speedboot ‘met trailer’. Om die reden vindt gedaagde dat er geen sprake is van dwaling. Daarnaast heeft Vitalizee geen gebruik gemaakt van de vooraf georganiseerde kijkdag om de speedboot te onderzoeken en vragen te stellen.

Wat vindt de kantonrechter?

De kantonrechter oordeelt dat het vast staat dat Vitalizee een bod heeft gedaan op de speedboot en dat dit bod door de gedaagde is aanvaard. Daarmee is er een overeenkomst tot stand gekomen. Omdat nergens uit blijkt dat de wil van Vitalizee gericht was op het kopen van een speedboot mét trailer, komt dit voor haar eigen rekening.

Ook als de wil van Vitalizee niet gericht was op het kopen van een speedboot zonder trailer, geldt dat er wél een rechtsgeldige overeenkomst tussen partijen tot stand is gekomen. Gedaagde mocht er namelijk op vertrouwen dat Vitalizee een bod deed op de betreffende speedboot. Ook oordeelt de kantonrechter dat er geen sprake is van dwaling, omdat Vitalizee er niet op mocht vertrouwen dat het ontbreken van de tekst ‘zonder trailer’ zou betekenen dat de speedboot mét trailer geleverd zou worden.

Lees de uitspraak hier.

Conclusie

Ook als de wil en de verklaring niet met elkaar overeenstemmen kan er een rechtsgeldige overeenkomst tot stand komen. Dit is het geval als de ene partij erop mocht vertrouwen dat de wil van de andere partij wel overeenstemt met haar verklaring. Tevens laat deze uitspraak zien dat er een grote verantwoordelijkheid bij de koper ligt om te onderzoeken wat je koopt en kenbaar te maken wat je wilt kopen.

Is jouw wederpartij van mening dat er (g)een rechtsgeldige overeenkomst tot stand is gekomen? Doet jouw wederpartij een beroep op dwaling? Neem contact met ons op en wij helpen je graag verder!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *